Suzuki

De Suzuki-mehtode voor viool uitgelegd

Waarom op vroege leeftijd beginnen met een instrument?

Shinichi Suzuki en zijn moedertaalmethode

Suzuki-verenigingen wereldwijd

Suzuki-methode in België

 

Waarom op vroege leeftijd beginnen met een instrument?

Het aanvoelen van schoonheid, gevoeligheid, de uiting van emoties, het zorg dragen voor een kostbaar voorwerp, de beheersing van het lichaam, coördinatie, doorzettingsvermogen, zich uiten voor publiek, discipline aan de dag leggen...het zijn maar enkele voorbeelden van wat een kind zou kunnen meekrijgen bij het aanleren van een instrument.

Al deze dingen kunnen we natuurlijk niet aanleren in enkele dagen, weken of maanden. Deze kwaliteiten worden geleidelijk aan bijgebracht en vragen een inzet van vele jaren door de hele omgeving van het kind.

Dat is één van de redenen waarom starten met een intrument op jonge leeftijd een enorm voordeel met zich meebrengt. Zeggen we niet altijd:”Jong geleerd is oud gedaan!”

De motoriek van jonge kinderen ontwikkelt bijzonder snel en natuurlijk. Een kind neemt zoals een spons alles vanuit zijn omgeving in zich op. Hoe jonger het kind met zijn instrument begint, hoe natuurlijker het er mee omgaat.

Ook de in eerste instantie abstracte, theoretische benadering van de muziek zal anders zijn. In het officiële onderricht volgen kinderen eerst een volledig jaar AMV volgen alvorens ze met een instrument mogen beginnen. Dat is te vergelijken met een kind dat eerst leert lezen en schrijven voor het zou mogen praten. Dat lezen en schrijven is natuurlijk ook belangrijk, maar kan later aangeleerd worden nadat het op een positieve manier in contact is gekomen met de praktische kant van de muzikale taal.

Als Suzuki-leerkracht geloof ik zeer sterk dat talent iets is wat aanwezig is bij elk kind. Alles hangt af van hoe het talent ontwikkeld wordt.

Een mooie vergelijking is die van het kampvuur.

Zoals bij een vuur begint alles met een klein vonkje. De vonk laten overslaan is al heel moeilijk. Als het papier en de kleine takjes eindelijk vuur vatten moeten we héél voorzichtig zijn zodat het vuur niet uitdooft. We moeten het vuur goed verzorgen tot het sterk genoeg is om iets grotere takken aan te kunnen. Het vuur wordt steeds groter en uiteindelijk kunnen we zelfs grote boomstammen op het vuur gooien.

Deze vergelijking toont aan dat de beginjaren bij het ontwikkelen van vaardigheden en talent cruciaal zijn en dat het talent exponentieel vergroot naarmate de basis goed gevormd is.

Het is dus cruciaal dat kinderen op tijd in contact komen met muziek.

Peter Nys, vioolleerkracht.

 

Shinichi Suzuki en zijn moedertaalmethode

Shinichi Suzuki wordt in 1898 geboren in Nagoya (Japan) en sterft een kleine honderd jaar later in 1998. Hij is de zoon van de stichter van de grootste vioolfabriek ter wereld. Zelf start hij zijn vioolstudie op 17-jarige leeftijd en gaat hij in Tokio studeren op uitnodiging van Markies Tokugawa. Nadien reist hij naar Duitsland waar hij een leerling wordt van de beroemde vioolpedagoog Karl Klingler. Tijdens zijn verblijf in Duitsland komt hij nauw in contact met o.a. Albert Schweitzer en Albert Einstein.

In Duitsland ontmoet hij ook Waltraud Prange met wie hij in 1928 in het huwelijksbootje stapt. Na acht jaren studie bij Karl Klingler keert hij terug naar Japan om er te musiceren en er te onderwijzen.

Shinichi Suzuki wordt één van de eerste Japanse concertviolisten en hij richt met zijn broers een strijkkwartet op. Hij gaat ook onderwijzen aan de Keizerlijke Muziekacademie en de Kunitachi muziekacademie in Tokio.

 

De Tweede Wereldoorlog betekent echter het einde van zijn podiumloopbaan.

De “Moedertaalmethode”

Vanaf 1945 ontwikkelt hij een nieuwe onderwijsmethode: de moedertaalmethode. Sommige van zijn eerste leerlingen, Toshiya Eto en Koji Toyoda, worden met de moedertaalmethode beroemde concertviolisten.

De moedertaalmethode is geniaal in haar eenvoud. Ieder kind is bekwaam om op heel jonge leeftijd de eigen moedertaal te spreken, enkel door naar de ouders te luisteren en hen te imiteren. Ouders moedigen op hun beurt de kinderen aan bij elke kleine vordering.

Door op een identieke manier een muzikale omgeving te creëren ontwikkelt het kind op dezelfde wijze een muzikale bekwaamheid of talent. Ieder jong kind is inderdaad bekwaam om al op heel jonge leeftijd een instrument te bespelen zoals het in staat is om de moedertaal te spreken. Door steeds te luisteren naar eenvoudige liedjes leert het kind op het gehoor de muziek spelen. Elk kind op zijn/haar eigen ritme, in een altijd stimulerende omgeving. Zo leert het kind met liefde en spelenderwijs de universele muziektaal. Wanneer de ouders dan nog deelnemen aan het proces door zelf de lessen bij te wonen en door zelf ook een instrument te leren spelen wordt het aanleren van een instrument voor elk kind een bijzonder prettige en uitdagende ervaring. Vanaf de periode dat Shinichi Suzuki de moedertaalmethode ontwikkelt concentreert hij zich uitsluitend op het lesgeven aan kinderen en adolescenten.

Voor zijn pedagogisch werk krijgt hij overal eretitels en prijzen en ontvangt hij acht eredoctoraten.

Shinichi Suzuki sterft in 1998 nadat reeds honderdduizenden kinderen viool of andere instrumenten leerden bespelen via zijn methode. Op dit moment wordt het aantal Suzuki-leraars in de hele wereld op meer dan tienduizend geschat.

 

Suzuki-verenigingen wereldwijd

In 1983 wordt de International Suzuki Association (ISA) opgericht. Op deze wijze hield Shinichi Suzuki contact met alle Suzuki-verenigingen in de wereld. Het is tevens het ambitieus streven van de vereniging om door en met muziek vrede na te streven.

Meer dan vijftig landen zijn inmiddels vertegenwoordigd in de ISA. Meer dan een half miljoen kinderen worden met de Suzuki-methode onderricht.

De European Suzuki Assocation groepeert de nationale Suzuki-verenigingen in Europa, zoals de Talent Education Suzuki Institute Belgium (TESIB), maar voorlopig ook de nationale Suzuki-verenigingen in Afrika en het Midden-Oosten. Op dit moment zijn er negentien nationale verenigingen werkzaam binnen de ESA en Zuid–Afrika is zopas een geassocieerd lid geworden.

De Talent Education Suzuki Institute Belgium (TESIB) groepeert op haar beurt de verschillende Suzuki-leraars en verenigingen in België.

 

meer lezen

 

Suzuki-methode in België

TESIB. (Talent Education Institute Belgium)

Geschiedenis

1971

Onder leiding van Jeanne Janssens krijgt aan de Stedelijke Muziekacademie van Turnhout een groep kinderen de kans om te starten met vioollessen volgens de Suzuki-methode. Juffrouw Janssens was de eerste Europese die in Japan bij Prof. Suzuki de nodige diploma’s daartoe behaalde, en zij kreeg van hem de verantwoordelijkheid om in België leerlingen en leraars op te leiden. Dit project kaderde binnen een tienjarenplan van het Ministerie van Nederlandse Cultuur.

In Brussel begon Tomiko Shida, oud-leerlinge van Prof. Suzuki, op vraag van Anne-Marie Oberreit vioolles te geven aan een klein groepje kinderen.

1972

In tegenstelling tot Japan en de Verenigde Staten, was in Europa de Suzuki-methode nog erg onbekend. Door de oprichting van het Talent Education Institute Belgium ontstond er een vereniging waarin alle gediplomeerde en in België werkende leerkrachten werden opgenomen om de Moedertaal-methode van Prof. Suzuki te helpen verspreiden. Onder invloed van Juffrouw Janssens ontstond een hechte groep families voor wie de vioollessen (individueel en in groep) een onderdeel werden van het opvoedkundig proces.

1979

Tijdens de eerste workshop in Europa waar Prof. Suzuki persoonlijk aanwezig was (München), duidde hij een basiskern aan voor de oprichting van de European Suzuki Association (ESA): Tove Detrekoy (Denemarken), Christophe Bossuat (Frankrijk), Jeanne Janssens (België), Susan Johnson (Nederland) en Felicity Lipman (Groot-Brittannië).

1982

Prof. Suzuki komt naar de derde European Suzuki Workshop in Malle (België), georganiseerd door de Talent Education Institute Belgium. De eerste Belgische vioolleerkrachten starten hun opleiding bij Juffrouw Janssens.

1983

Onder impuls van Anne Marie Oberreit wordt “L’Association Suzuki de Bruxelles” opgericht.

1984

De Turnhoutse Suzuki Vereniging wordt boven de doopvont gehouden.

1989

Start vioollessen volgens de Suzuki-methode te Vilvoorde.

1991

Anne Marie Oberreit wordt door de ESA aangesteld als verantwoordelijke voor de opleiding van pianoleerkrachten. Dankzij haar inzet vindt voor de eerste maal in België een pianoworkshop plaats: de Second International Suzuki Piano Basics Workshop.

1992

Oprichting Brusselse Suzuki Vereniging.

1993

Oprichting van de Vioolschool ‘Kortjakje’ te Herselt.

1996

Start Cello lessen volgens de Suzuki-methode te Brussel.

1997

Start altvioollessen in ‘Kortjakje’.

2003

Oprichting Suzuki fluitschool ‘Flautino’, te Herentals. Start vioollessen te Zottegem.

Start fluitlessen te Turnhout.

2004

Start vioollessen te Dendermonde

Start vioollessen te Londerzeel

2005

De Turnhoutse Suzuki Vereniging verandert in Vlaamse Suzuki Vereniging. Tientallen leraars zijn met hun leerlingen lid van de VSV.

Oprichting ‘Villa Viola’ vioolschool te Steendorp.

2006

Start cellolessen te Dendermonde.

Start vioollessen te Borgerhout.

2008

Start vioollessen te Buggenhout

 

TESIB nu

Tegenwoordig overkoepelt TESIB alle Belgische Suzuki-initiatieven. Marie-Anne Heck is voorzitster van TESIB, Koen Rens is secretaris.

De verantwoordelijke voor piano is Anne Marie Oberreit. Voor viool zijn de verantwoordelijken Jeanne Janssens, Wilfried Van Gorp en Koen Rens.

TESIB wil als vereniging bijdragen tot de instandhouding en verspreiding van het gedachtegoed van Shinichi Suzuki. Zo organiseert TESIB concerten, lezingen, workshops en opleidingen .

Deel deze pagina

woensdag 5 september 2018