Deze snelgroeiende soort kan zich makkelijk verspreiden en moet zorgvuldig verwijderd worden. De plant is te herkennen aan haar grote, donkergroene, gekartelde bladeren (10 tot 20 cm), trompetvormige bloemen, een onaangename geur wanneer ze gekneusd wordt, en de stekelige zaaddozen. Doornappel is een probleemonkruid dat in snel tempo aan terrein wint.. Deze giftige plant moet altijd bestreden worden binnen de voedsel- en voederproductie. Er moet ook vermeden worden dat dit onkruid in zaadproductie komt om verspreiding van dit onkruid tegen te gaan.
Bestrijding van doornappel is heel lastig en vraagt om een nauwkeurige controle van de percelen. Zaden van de doornappel kunnen in de bodem tot wel 75 jaar overleven. Beperk de ontwikkeling door:
-
Doordachte keuze en beheer van de teelten en tussenteelten
-
Langere rotaties tussen winter- en voorjaarsteelten
-
Reiniging van het oogstmaterieel in geval aanwezigheid van doornappel
-
Trek overblijvende planten handmatig uit (met handschoenen!), verwijder ze van het veld en vernietig ze (verbanden via restafval). Ook na uittrekken kan de plant nog kiemkrachtige zaden vormen!
De bestrijding van doornappel is een onderdeel van het IPM-maatregelenpakket en wordt vanaf 2026 verplicht.
De plantenresten die zaden bevatten, dienen in de restafvalzak afgevoerd te worden, niet bij het GFT-afval. Dit omdat de zaden van de plant de hoge hitte bij het composteringsproces toch nog kunnen overleven. Enkel via verbranding in de afvalverbrandingsovens kan een totale vernietiging gegarandeerd worden.
Meer info over de verwijdering van doornappel in de gewasteelt kan u hier terugvinden.
