Ook in 2024 knijtenvallen langs getijdenrivieren

De afgelopen weken werden er opnieuw knijtenvallen geplaatst op strategische plaatsen langs de Vlaamse getijdenrivieren.

Sinds 2023 loopt er een pilootproject ter hoogte van het Groot Schoor in Hamme, waarbij we het effect van knijtenvallen testen en we de knijtenpopulaties in kaart brengen. Het project is een samenwerking tussen Het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek (INBO), het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB), De Universiteit Antwerpen (UA), Het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) en De Vlaamse Waterweg nv.

Knijten zijn zeer kleine muggen, amper 1 tot 2 millimeter groot. Ze komen van oudsher voor langs onze getijderivieren, maar door de slechte waterkwaliteit zijn ze decennialang minder talrijk aanwezig geweest. Door de sterke verbetering van de waterkwaliteit de laatste decennia worden knijten in toenemende mate waargenomen in het natuurlijk ecosysteem van de Schelde en andere waterwegen. Daarnaast heeft ook de klimaatverandering een belangrijke invloed. Deze factoren kunnen leiden tot een toename van knijten op een aantal locaties tijdens warme, droge zomerdagen. Dat geldt trouwens ook voor gewone steekmuggen en andere insectensoorten.


Ook in 2024 zetten we het pilootproject rond de knijtenvallen ter hoogte van het Groot Schoor verder. Grote vallen worden ingezet om effectief knijten te bestrijden, de kleinere vallen dienen om de aanwezigheid van knijten te monitoren en om de effectiviteit van de vallen te meten en verder te optimaliseren. Het effect van knijtenvallen is afhankelijk van de specifieke locatie en van de intensiteit van de knijtenhinder. Bij grote aantallen knijten helpen knijtenvallen mogelijk onvoldoende om de hinder te beperken.

Het KBIN ontwikkelde een milieuvriendelijke knijtenval. Deze val is voorzien van een ledlamp met uv-licht die insecten aantrekt. Een fijnmazig gaas laat toe om knijten selectief te vangen en verhindert dat andere insecten in de val terechtkomen. Omdat er biologisch afbreekbare zeep is toegevoegd aan het water, kunnen de knijten niet blijven drijven op het oppervlak maar zakken ze erin weg en verdrinken ze. Door de gevangen knijten te tellen, krijgen we een duidelijker beeld van de relatieve grootte van de knijtenpopulatie. Het monitoren van de knijten aan de hand van selectieve knijtenvallen is belangrijk. De monitoring via selectieve knijtenvallen moet uitsluitsel geven of er op een bepaalde locatie effectief knijtenpopulaties kunnen worden waargenomen en, zo ja, welke de omvang hiervan is. Op basis van de monitoring blijkt
dat er naast knijten ook andere kleine insecten voorkomen die hiermee verward kunnen worden maar niet hetzelfde habitat verkiezen. Met monitoring houden we een vinger aan de pols, trachten we de impact van de vallen in te schatten en ook de ontwikkeling van het gebied.

Gepubliceerd op zondag 26 mei 2024 14 u.